Gunstige evolutie van de "Bijzondere Speelklas Katrien"

katrien historiekWe gaan weer terug naar de "voltooid verleden tijd".

Onze eerste bekommernis is geweest een enigszins aangepaste omgeving te scheppen, uitgebreid leermateriaal te verzamelen, waarvan veel zelf moest gemaakt worden en niet het minst een orthopedagogische methode voor kleuters op te bouwen.

Dit volstond niet. Een groepje gehandicapte kinderen in een klasje met een juffrouw en een assistente, nee, er moest een structuur als achtergrond komen.

Gelukkig had ik enige goede vrienden, waaronder een jurist, die met mij een Beheerraad wilde oprichten. We zochten echter nog een voorzitter, liefst van een pedagogische discipline. Bij nadere informatie bleek een zekere E.H. Daelemans, leraar aan de Katholieke Normaalschool, een gunstige kandidaat. Het was een blijde verrassing, dat hij mijn voorstel aannam. Als pedagoog was hij wel geïnteresseerd in debiele kinderen (het woord "gehandicapt" bestond toen nog niet). Hij kende echter noch de Bijzondere Speelklas, noch de leidster daarvan. Eigenlijk was het een reuze meevaller, dat hij met mij en een werk zonder achtergrond of reputatie van wal durfde steken.
Op 13 juli 1954 verschenen de statuten in het Belgisch Staatsblad. De VZW werd genoemd "Vereniging voor Heilpedagogisch Onderricht". Als doel werd gesteld, ik citeer: "Het geven, besturen, verspreiden, ontwikkelen en ondersteunen van heilpedagogisch onderricht in de provincie Antwerpen". (het woord"orthopedagogie" kwam pas veel later in zwang).

 

De Beheerraad was als volgt samengesteld:

  • E.H. A. Daelemans, lic. psychologie, voorzitter (nu directeur-generaal van het Katholiek Onderwijs)
  • Mr. Jos Van Nuffel, advokaat, secretaris (nu raadsheer bij het Hof van Beroep)
  • Mej. Netty Heynen, hellpedagoge, afgevaardigde-beheerder
  • Mej. Marie-José Van Nuffel, schatbewaarder
  • Mevrouw Cecilia Smits.

Tevens werd een Raad van Advies opgericht met als voornaamste leden:

  • Prof. R. Dellaert
  • Mej. C. Arnou (Medisch Psychologische Kinderkliniek)
  • Prof. V. D'Espallier
  • Prof. Kriekemans
  • Baron Flor Peeters

U ziet dat we een bekwame achterban kregen. Met dankbaarheid voor zoveel trouwe inzet kan ik melden, dat nog steeds, na 30 jaar, dezelfde leden deze VZW beheren. Wel werd in 1975 een bijkomende VZW Katrinahof opgericht met E.H. Ulens J, directeur van het Sint-Thomascollege, als voorzitter; verder de leden van de VZW Vereniging voor Heilpedagogisch Onderricht. Later werd de nieuwe beheerraad met twee nieuwe leden aangevuld: Heer Inspecteur H.'Robberecht en Mevrouw Lilian Van Overbergh, dr. jur.

Onze eerste nederzetting in de Borgerhoutsestraat was maar in een miezerige buurt onder de rook, enerzijds van een kaarsenfabriek en anderzijds van de koekjesfabriek "De Beukelaer Mijn moeder ging, bij haar dagelijks middagwandelingetje, in de regio van de Harmonie op zoek naar een ander huis.
En ja, ze vond een ruim, riant herenhuis, aan de C. Teichmannplaats 4, waarvan het grote gelijkvloers met flinke tuin te huur was.

De woning was wel in slechte staat, maar spontaan boden ouders en grootouders zich aan om ze op te knappen. Het was een ijverige ploeg: er werd geschrobd, gesopt, gekrabd (parket), geplamuurd, gevernist, getimmerd, ook genaaid want er moesten vrolijke gordijnen komen. Alles moest op een loopje gebeuren, maar al zeg ik het zelf, het resultaat was zonnig, kleurrijk, smaakvol, gezellig schooltje met een huiselijke sfeer.
Om wat publiciteit aan ons werk te geven, stelden we een begrijpelijke goed verzorgde circulaire op, welke naar scholen, instellingen en dokters gestuurd werd. Er werden zowel Nederlands- als Franstalige (schrik niet!) circulaires gedrukt. De helft van onze leerlingen kwamen uit een Franssprekend midden. Ze hadden een Franstalige leidster. U moet bedenken dat dit 30 jaar geleden gebeurde!

We hoopten daarmee, vooral aan dokters, meer inzicht te geven in ons heilpedagogisch werk. De dokters werden door de ouders nog meestal als "fac totums" aangezien, die zich ook bevoegd achtten om pedagogische raad te geven. Zij alleen "wisten het"!

En ik moet zeggen dat de meeste dokters van oordeel waren, dat de heilpedagogiek, toen nog een nieuw vak, ook onder hun discipline viel. Zij beslisten veelal wanneer een "achterlijk" kind naar school kon gaan.

Zolang het niet bekwaam was om te leren lezen en schrijven, was dit zinloos. Het gevolg was, dat veel kinderen te laat buitengewoon onderwijs kregen, of helemaal niet naar school gingen. Plaatsing in een gesticht was de meest voor de hand liggende oplossing, met soms de raad erbij "Vergeet dit kind maar ..." Het gemeenzaam Fonds betaalde. Het was daarom een dringende noodzakelijkheid dat dokters en sociaal assistenten op de hoogte werden gebracht van een meer menselijke en aangepaste opvoedingsmethode voor deze kinderen, waarbij ze konden genieten van de familiale warmte van het eigen gezin, zo onmisbaar voor hun ontplooiing.

Trouwens, de taak van de arts is te genezen. Hij kan de zwakzinnigen (de benaming uit die tijd) jammer genoeg niet genezen. Wel kwam in die tijd de Cellentherapie van Prof. Niehans op gang, welke veel ouders werd aangepraat. Die behandeling kostte enorm veel geld. Menig ouder had het er voor over. De reden was, dat ze zich later dan niets te verwijten hadden, ze hadden alles voor hun kind gedaan wat mogelijk was.

Bovengenoemde circulaire vermeldde het volgende:
De Bijzondere Speelklas Katrien stelt zich bijzonder in op het ontwikkelingsgeremde kind, ten einde zijn levenskans zoveel mogelijk te vergroten. Hoe tracht men dit te verwezenlijken?

Door een vertrouwelijke, vreugdevolle sfeer; actief, zeer individueel aangepast onderricht; zeer uitgebreid en zeer verscheiden leermateriaal; een vaste dagindeling met veel afwisseling; het bevorderen van de sociale aanpassing; het aanleren van zelfstandigheid en onafhankelijkheid; het aankweken van goede gewoonten; veel contact met het werkelijke leven; werken met juist geselecteerde kleine groepen en ten slotte intensieve samenwerking met de ouders.

Is er na 30 jaar veel veranderd? Ik meen van niet.
Eigenlijk had ik eraan toe kunnen voegen: veel "erop uittrekken", want dat is er altijd bij geweest. In juni '52 gingen we voor 8 dagen met acht kleuters "op kamp" bij de zusters in St. Job, later Huize Raphaël. De kleintjes genoten van de vrije natuur. Het feit van niet "onder moeders vleugels" te vertoeven en het voordeel van een intense training in goede gewoontevorming was een hevige stimulans voor hun ontwikkeling. Eén meisje leerde in die tijd alléén te lopen, een ander werd zindelijk.

 Maar het jaar daarop gingen we verder op avontuur, zelfs in het buitenland... In september '53 namen we met 5 kleuters en 2 grotere kinderen deel aan de Eerste Kinderbedevaart naar Lourdes, georganiseerd door een Limburgse (Ned.) bisschop, een geboren kinderpsycholoog.

Alles was op de kinderen afgestemd. Er was zelfs een zuster, orthopedagoge bij, die 's middags een speeluurtje organiseerde. De speelklas speelde zelfs te Lourdes en we hadden fijne contacten met anderen, vooral in het hotel. Ondanks de lange treinreis (de kinderen sliepen als rozen) kwamen we fris en stralend terug in Antwerpen, een deugddoende ervaring rijker!
Kleine kinderen worden groot, gelukkig voor ons. Toen er voldoende leerplichtige kinderen waren, werd de eerste klas voor Bijzonder Lager Onderwijs aangenomen (juli '55) en gesubsidieerd, in '56 reeds een tweede. Het blijft niet bij een Speelklas, maar breidt zich uit tot Bijzonder Instituut Katrien.
Het aantal leerlingen stijgt snel tot 60. We moeten uitbreiden. Gelukkig kunnen we in '56 over het hele huis beschikken, zodat er voldoende klassen bijgemaakt kunnen worden. Bekende en bekwame leidsters zoals
Mej. M. De Keersmaecker, Mej. M. Christiaens doen hun intrede in onze school. Ze werken en "spelen" met hun kinderen de volledige dag met volle inzet en overgave.
De uitbloei van onze bijzondere school is verzekerd.