1954-1974 - 20 jaar Katrinahof

Ten geleide

Denken aan twintig jaar activiteit van de Vereniging voor Heilpedagogisch onderricht, die Katrinahof oprichtte, is voor ons allen die begaan zijn met de verstandelijk gehandicapten als een terugblik op ons eigen leven.
Op de ernst van ons leven.
Dit herdenken wekt in ons dat moeilijk te beschrijven gevoel van vreugde die – zoals steeds wanneer het om de ernst van ons leven gaat - niet enkel vreugde kan blijven.
Vreugde om al wat voor de gehandicapte medemens kon worden gedaan, soms doortrokken van weemoed om alles wat niet bereikt werd en nooit te bereiken zal zijn.
Vreugde om de kinderen die gelukkig zijn in Katrinahof. Ziet U, daar zijn het geen gehandicapten maar echte kinderen die op hun eigen manier een volwaardig jeugdleven kennen. En weemoed om hen die er na hun jeugdjaren niet meer terecht kunnen en die we uit het oog verloren.
Vreugde bij het ervaren van de grote inzet van allen die hebben meegewerkt om de doelstellingen van de Vereniging waar te maken en weemoed om allen die door omstandigheden niet bij ons konden blijven; spijt ook omdat onze liefste medewerkers niet eeuwig jong blijven.

Wat ons het meest met vreugde vervult is het feit dat de Vereniging, spijts alle menselijke onvolkomenheid, niet is afgeweken van haar ideaal.
In de eerste plaats is dat: het opvoeden van de ons toevertrouwde kinderen, op hun eigen manier, tot volwaardige en gelukkige mensen. Deze kinderen dit bewustzijn bijbrengen: dat zij in niets gehandicapt zijn om in onze liefde te leven.
Bovendien wil onze Vereniging aan de ouders van gehandicapte kinderen deze boodschap geven: U staat niet alleen met Uw lijden; wij dragen mee Uw kruis en zullen daaronder niet verpletterd worden. Wij roepen niet "0, hoe zalig is het lijden". Maar samen zullen wij door het dragen sterk worden als onder een genade. Zo kan in het lijden onze vreugde besloten liggen.
Ten slotte wou onze Vereniging een teken zijn in de maatschappij, een voortdurende getuigenis die zegt : dit gehandicapte leven heeft even veel betekenis als elk ander leven; dit leven is enig en onvervangbaar omdat het besloten ligt in Gods heilplan voor ons en voor de wereld.

 De idealen betreffende dit kind, de ouders en de gemeenschap als een lichtende lijn door de werking van onze Vereniging te laten verder lopen is onze opgave.
Wij weten niet of deze opdracht in de toekomst moeilijker zal te verwezenlijken zijn als in het verleden. Er is, vooral bij de jeugd, een grote altruïstische inzet en streven naar sociale rechtvaardigheid die hoopvol stemt. Anderzijds zijn er strekkingen die ons beangstigen: het onvolkomen leven wordt waardeloos genoemd want niet productief; het lijden, evenals het sterven, wordt afgedaan als een onzindelijke zaak waarover men niet spreekt en waaraan men vooral niet wil denken.

 Wij hebben Uw steun en belangstelling, Uzelf nodig, meer nog in de toekomst dan in het verleden en met Gods hulp zullen we verder gaan.

Enkele data

13 juli 1954 was de stichtingsdatum van de "Vereniging voor Heilpedagogisch Onderricht", de inrichtende macht van Katrinahof.

Het is duidelijk dat de werking van een instelling als Katrinahof, niet alleen school voor buitengewoon lager onderwijs maar ook behandelingscentrum en beperkt internaat, enkel mogelijk is door de inzet en het werk van velen. Indien het ons dan ook moeilijk valt namen te noemen – uit angst iemand te vergeten – zouden we toch in dankbaarheid te kort schieten indien we zouden voorbij gaan aan de pioniers die de eerste raad van beheer vormden en – gelukkig – deze taak nog steeds vervullen.

Het is met vreugde en fierheid dat we hier noemen:

  • Mgr. A. Daelemans, Directeur Generaal van het Katholiek Onderwijs, voorzitter van de raad van beheer.
  • Ondervoorzitter: Rechter J. Van Nuffel
  • Mevrouw C. Smits - Boelaerts
  • Juffrouw M.J. Van Nuffel
  • Juffrouw N. Heynen, afgevaardigde-beheerder en heilpedagoge die door haar wetenschappelijke aanpak en meer nog misschien door haar bijzonder affectieve relatie tot het gehandicapte kind voor een goed deel van Katrinahof heeft gemaakt wat het nu is.

In september 1959 aangenomen door het Ministerie van Nationale Opvoeding als school voor bijzonder lager onderwijs, groeide Katrinahof uit tot een instelling met tien klasjes met een totaal van 120 kinderen in september 1969. Onze dank gaat vooreerst uit naar de mensen die hun vertrouwen in ons hebben gesteld en die ons toevertrouwden wat hen het meest na aan het hart ligt: hun zorgenkind.

Onze leerkrachten, pedagogen, therapeuten hebben dit vertrouwen niet beschaamd.

Wij willen aan alle medewerkers en oud-medewerkers zonder uitzondering zeggen: dank U voor alles wat U voor deze kinderen deed en doet.

Wat doet men in Katrinahof?

Iedereen die langer met opvoeding van verstandelijk gehandicapten te maken heeft herinnert zich de scholen voor bijzonder onderwijs waar met bovenmenselijke moeite en geduld – trouwens met de beste bedoelingen – aan kinderen met een laag verstandelijk niveau enige schoolse kennis werd bijgebracht. Men wilde van hen in zekere zin "pseudo-normale" kinderen maken. Dank zij de vooruitgang van de pedagogische wetenschap wordt heden ingezien dat het niet belangrijk is of dit kind enkele woordjes kan afschrijven. Dit zal in het latere leven geen enkel nut hebben.
Men begrijpe dit niet verkeerd. Elk kind moet alle ontwikkelingskansen krijgen die binnen zijn verstandelijke mogelijkheden liggen en indien meer abstracte kennis als lezen schrijven en rekenen daartoe behoren moet die kennis ten volle ontwikkeld worden.
In Katrinahof ondervindt men evenwel dat zeer veel verstandelijk gehandicapten veel meer gebaat zijn met een levenspractische opvoeding. Dit wil zeggen de vorming van sociaal gedrag, van zelfredzaamheid, van handvaardigheid. Dit is belangrijker dan een vernisje van schoolse kennis.
Enig inzicht krijgen in de "leefwereld" van deze kinderen, hoe ze hun omgeving ervaren, hoe ze in contact komen met hun omgeving, is het eerste wat de pedagogische staf van Katrinahof voorstaat.
Daarop wordt gebouwd en kunnen de middelen gezocht worden – die van kind tot kind verschillen – om contact te krijgen met de persoonlijkheid van dit bepaald kind.
Ook diep gestoorde kinderen zijn te benaderen langs ritme, beweging, muziek, atmosfeer.
Dit laatste wordt in Katrinahof bijzonder belangrijk gevonden. Wij zullen wellicht nooit juist weten hoe dit kind zijn omgeving ervaart. Wel mogen wij veronderstellen dat de omgeving hem chaotisch en dikwijls beangstigend moet voorkomen. Dit komt door het onvermogen van dit kind om de fenomenen in zijn omgeving verstandelijk te duiden en te ordenen; of om de "tekens" te begrijpen waardoor de normaal verstandelijk begaafde mens zijn "weg" vindt in de doolhof van fysische, psychische, sociale relaties die onze omgevingswereld vormen.
De geborgenheid en het vertrouwen in de omgeving zullen dus vooral moeten geschonken worden door het scheppen van een atmosfeer,
Een warme atmosfeer van genegenheid – of een feestelijke!
Daarom wordt er zo dikwijls gefeest in Katrinahof.
Door het scheppen van een atmosfeer wordt het zelfs mogelijk – wat velen verwondert – catechese in het schoolprogramma in te schrijven.
Ten slotte hoeft ons dat helemaal niet te verwonderen. Gods aanwezigheid ervaren is geen zaak van verstandelijke of abstracte redenering.
De ervaring van God als een evidentie is ook gegeven aan de meest eenvoudigen van geest.
Een enkel dichter slaagt er in dit ervaringsmoment – waarbij hij gegrepen wordt door een atmosfeer – in een vers vast te leggen:

De moerbeitoppen ruischten God ging voorbij; ...
Neen, niet voorbij, hij toefde;
Hij wist wat ik behoefde,
En sprak tot mij;

(N. Beets)

De betere sociale voorzieningen en de staatstoelagen hebben er voor gezorgd dat op vele plaatsen behandelings- en revalidatiecentra werden opgericht in de laatste jaren.
Toch zouden we even willen stil staan bij het feit dat reeds van bij de aanvang van Katrinahof een behandelingscentrum in werking is onder leiding van Juffrouw N. Heynen.
Het doel ervan is in de eerste plaats ouders met kinderen op prille leeftijd op te vangen en te begeleiden. Het is duidelijk dat kinderen die later zullen aangewezen zijn op het buitengewoon onderwijs reeds in hun eerste levensjaren bijzondere zorgen kunnen nodig hebben niet alleen op psychisch vlak maar ook dikwijls inzake lichamelijk welzijn of motoriek.
Ook denken wij dat de begeleiding van de ouders in deze periode van enorm belang is. De basis voor de "aanvaarding" – dit kind te aanvaarden zoals het is en niet zoals we zouden willen dat het is – wordt in deze eerste periode gelegd. Het behandelingscentrum zoals het in Katrinahof werkt, heeft zeer veel mensen, vooral tijdens de eerste levensjaren van hun gehandicapt kind, uit hun vereenzaming en radeloosheid gehaald.

 

Toen men in Katrinahof heel erg de nood ging aanvoelen van de kinderen die er wegens hun leeftijd niet meer terecht kunnen, werd overgegaan tot de oprichting van de v.z.w. Katrinahome op 20 november 1970.
Deze vereniging heeft het oprichten van gezinsvervangende tehuizen voor volwassen verstandelijk gehandicapten tot doel.
Met de bouw van het eerste tehuis wordt dit jaar nog aangevangen.
Het is gelegen aan de Korte Lozannastraat te Antwerpen en zal een tehuis zijn voor 25 jonge volwassenen.
Bovendien overweegt de v.z.w. Katrinahome de oprichting van een "dagverblijf". Dit om aan volwassenen die wel thuis kunnen verblijven, doch niet toe zijn aan arbeid in een beschuttende werkplaats, een aangepaste en psychologisch begeleide bezigheid te verschaffen.
Zo menen wij de cirkel te kunnen sluiten door aan onze zorgenkinderen een veilige haven te verzekeren, ongeacht hun leeftijd.

 Voor Uw steun en medewerking, zonder dewelke dit alles niet mogelijk zou zijn zeggen wij U, in naam van onze kinderen, onze dank.